Verschillende geleedpotigen doen zich tegoed aan de kersen van de vogelkers.
In het vruchtvlees leeft bijvoorbeeld de larve van de boorvlieg (Rhagoletis cingulata) 90.
In de pit ontwikkelt zich de larve van de kersenpitkever (Furcipus rectirostris) 89.

Veel geleedpotigen zuigen op de vruchten zoals de wantsen Acanthosoma haemorrhoidale, Palomena prasina en Gonocerus acuteangulatus 161. Ook veel vlinders, waaronder enkele zeldzame en zeer zeldzame, worden aangetrokken door de kersen, net als muggen, vliegen, wespen, sluipwespen, sprinkhanen, microvlinders 144.

Naast de vele insecten eten ook vogels de kersen. In bossen profiteert
vooral de houtduif van dit voedselaanbod. Ook spreeuwen appreciëren
de kersen zodanig ‘dat de wegen paars gekleurd zijn van hun uitwerpselen’ 36. Waarschijnlijk eten alle bes-etende vogels de vruchten van de vogelkers. De opvallende
paarse kleur van de kersen tegen de achtergrond van de felgele herfstbladeren
bevordert hun aantrekkelijkheid 36. Ook vele zoogdieren voeden zich met de kersen,
waarvan de vos het bekendste voorbeeld is. Wanneer de kersen vanaf half augustus
beginnen te rijpen, bestaat het vossenbraaksel vaak grotendeels uit kersenresten 36.
Voor een overzicht van zoogdieren waarvan vastgesteld is dat zij de vruchten van de
vogelkers eten. De pitten van de vogelkersen worden gegeten door de boomklever en de fazant 36.

Verder worden de kersenpitkever 88, 89, 164, de boorvlieg (Rhagoletis cingulata) 91 en
de voorjaarsmestkever (Geotrupes vernalis) genoemd als zaadeter 163. Ook schimmels
gebruiken het zaad als voedingsbron 163.