De drie beschreven situaties – bossen waarin bestrijden zinvol is, bossen waarin vogelkers geaccepteerd kan worden en weerbare bossen– kunnen gezien worden als drie nadrukkelijk verschillende beheersituaties voor bossen waarin de vogelkers aanwezig is. Het realiseren van deze beheerdoelen vraagt om drie verschillende strategieën:
1. Bestrijden van vogelkers.
2. Accepteren van vogelkers.
3. Weerbaar maken van bossen.
Deze voorbeeldstrategieën kunnen gezien worden als de drie punten van een driehoek. Beheerstrategieën die daar tussenin liggen, maken gebruik van elementen uit deze strategieën.

Beheerstrategie driehoek bosbeheer bij vkWanneer naar een alternatief gezocht wordt voor de bestrijding van de vogelkers
wordt vaak gekozen voor een beheer dat in de beheerstrategiedriehoek tussen acceptatie
van vogelkers en het ontwikkelen van weerbaar bos in ligt. De vogelkers in het
bos wordt niet bestreden. Bij de houtoogst, dan wel bij het openen van het kronendak
ten behoeve van bosomvorming worden de vogelkersen in het kronendak geveld of
geringd net zoals de inheemse boomsoorten. Het bos wordt weerbaar gemaakt door
opvolgersoorten in te brengen op de groepenkap of onder scherm. De vogelkers in de
tweede boomlaag hoeft hiertoe niet verwijderd te worden (zie ‘inbrengen van ontbrekende boom- en struiksoorten’). Wanneer zij een te groot aandeel heeft in de spontane verjonging wordt door middel van selectie gestuurd in de soortensamenstelling (zie ‘sturen in soortensamenstelling en kwaliteit‘). Acceptatie van de vogelkers in dit weerbaar wordende bos biedt de mogelijkheid waardevol kersenhout te produceren (zie ‘teelt Amerikaans kersen‘).