Er zijn verschillende redenen waarom verwijderen van vogelkers op landschapsschaal niet lukt. Deze zijn te verdelen in ecologische, beheertechnische en maatschappelijke redenen.

Met betrekking tot de ecologie van de vogelkers; de soort draagt vanaf jonge leeftijd zaad, in het volle zonlicht al vanaf 4 tot 7 jaar. Het merendeel valt binnen een straal van enkele meters rond de boom; vogels en zoogdieren zorgen voor verspreiding over grotere afstanden. Het zaad is gemiddeld tot 3 jaar kiemkrachtig en zaailingen kunnen onder een licht kronendak wel tot 60 jaar overleven. In de dennenbossen van de afgelopen eeuw kon de vogelkers zich steeds weer vestigen.

Reden hiervoor was het gevoerde beheer: het steeds weer creëren van een pioniersstadium en dus een licht opstandtype. Daarnaast stimuleerde het vroegere kaalkapsysteem de uitbreiding van vogelkers: regelmatig kwamen er grote hoeveelheden licht op de grond. Door de hoeveelheid eerder aangeplante vogelkersen overal, waren er ook steeds weer zaad en zaailingen aanwezig. In het huidige beheer, waarbij verder doorgedund wordt, geven de toegenomen ouderdom en openheid van de opstanden ook andere struiken en bomen een kans zich te vestigen. Hierdoor nemen de uitbreidingskansen van vogelkers af. Echter ook in een zorgvuldige bestrijding worden er exemplaren vergeten die weer als zaadboom kunnen dienen. Wisseling van beheerders zorgt soms ook voor een gebrek aan nazorg en controle.

Daarnaast zijn er maatschappelijke redenen waarom verwijderen van de soort op landschapsschaal niet lukt. Er is een grote kans dat, door de versnippering van het boseigendom, steeds weer nieuw zaad uit een omliggend gebied aangeleverd wordt; bijvoorbeeld uit een gebied met een andere eigenaar waar minder aandacht voor bestrijding is.