Vlaams onderzoek laat zien dat de dikte van vogelkers in de onderetage in 30
jaar tijd, tussen 10 en 40 jaar, met 10 cm toeneemt 34. Dezelfde 10 cm diktegroei kan
in het volle licht in 10 jaar tijd bereikt worden, tussen 12 en 22 jaar 74; een gemiddelde
diktegroei van 1cm per jaar. Deze waarden komen overeen met de diktegroei in de
jeugdfase in Noordoost-Amerika en Canada 55, 56, 187: 1 à 2 cm per jaar tussen 10 en 50
jaar, afhankelijk van de groeiplaats en de mate van vrijstellen.

De diktegroei neemt af bij een leeftijd van 45 tot 50 jaar, net als in Amerika 55, 57, 77,
120. Een onderzoek in centraal West Virginia laat zien dat de diktegroei van volledig
vrijgestelde 65 jaar oude vogelkersen nog steeds 0,55 cm per jaar is 188. Over de gemiddelde leeftijd waarop vogelkersen in Noordwest-Europa beginnen af te takelen, is nog geen uitspraak te doen. Niet veel vogelkersen hebben in Nederland en Vlaanderen de
kans gekregen om oud te worden. In de Alleghenies zijn 258 jaar oude vogelkersen
waargenomen met een hoogte van 39 m 77. Bij Jülich in Duitsland staan 122 jaar oude vogelkersen die er gezond uitzien. Vogelkersen van 50 tot 70 jaar die in
Vlaanderen en Nederland geveld worden, hebben meestal geen tot weinig kernrot. Rot
verspreidt zich slechts langzaam in de vogelkersstam 56.